Wet Huurkoop Onroerend Goed


<< Terug naar overzicht

WET van 14 april 1978, betreffende huurkoop van onroerend goed (Wet Huurkoop Onroerend Goed) (G.B. 1978 no. 32).

Artikel 1

1. Huurkoop in de zin van deze wet is de koop en verkoop van onroerend goed, waarbij partijen overeenkomen dat de koopprijs wordt betaald in termijnen, en dat de eigendomsovergang eerst zal plaatshebben na voldoening van twee of meer termijnen, die verschijnen nadat de koper in het genot van het onroerend goed is gesteld.
2. Alle overeenkomsten, welke dezelfde strekking hebben, onder welke benaming ook aangegaan, zijn aan de voorschriften van deze wet onderworpen.

Artikel 2

1. Zowel de huurverkoper als de huurkoper zijn bevoegd de in de artikelen 2 en 3 bedoelde notariële akte te doen overschrijven in de openbare registers, op de wijze als bedoeld in artikel 670 van het Surinaams Burgerlijk Wetboek.
2. Degene die overeenkomstig artikel 3 een vordering tot vastlegging van de overeenkomst heeft ingesteld kan van het instellen daarvan een aantekening doen stellen in bedoelde openbarijk Wetboek, gehouden de overeenkomstig het eerste lid betaalde huurkooptermijnen te ontvangen, onverminderd de verplichting van de hypothecaire schuldenaar tot betaling van het restant verschuldigde.
4. Indien de huurkoper van dit recht gebruik wenst te maken is de hypothecaire schuldeiser verplicht de huurkoper in te lichten omtrent de grootte van de nog resterende hypothecaire schuld.
5. De betalingen overeenkomstig dit artikel aan de hypothecaire schuldeiser gedaan, strekken in mindering op hetgeen de huurkoper aan de huurverkoper verschuldigd is. De huurkoper stelt de huurverkoper onverwijld in kennis van deze betalingen.
6. Bij openbare eigenmachtige of executoriale verkoop ten verzoeke van de hypothecaire schuldeiser of beslaglegger, heeft de huurkoper het recht in artikel 1232 van het Surinaams Burgerlijk Wetboek aan de derde bezitter toegekend. Maakt de huurkoper van dit recht gebruik, dan is het derde lid van toepassing. Indien de huurkoper van dit recht geen gebruik heeft gemaakt, maar hij wel overeenkomstig het eerste lid rechtstreekse betalingen aan de hypothecaire schuldeiser heeft verricht, is artikel 1423, 2° van het Surinaams Burgerlijk Wetboek niet van toepassing.
7. Onverminderd het in artikel 667 van het Surinaams Burgerlijk Wetboek bepaalde, kan indien reeds vóór de overschrijving bedoeld in artikel 8, een hypothecaire akte betreffende het in huurkoop verkochte goed was ingeschreven, de overdracht van het recht op verschenen of nog niet verschenen huurkooptermijnen aan een derde, niet zijnde de hypothecaire schuldeiser bedoeld in het eerste lid van dit artikel, niet worden ingeroepen tegen de huurkoper, tenzij deze uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven tot
deze overdracht. Het bepaalde in het vorige lid is niet van toepassing indien ten tijde van het in werking treden van deze wet de overdracht reeds heeft plaatsgehad.

Artikel 13
de huurkoper een vergoeding toe voor de gebouwen alsmede de noodzakelijke kosten van reparatie en de kosten welke waardevermeerdering ten gevolge hebben, die hij of zijn voorganger gedurende de huurkoopverhouding aan het betreffende onroerend goed heeft aangebracht met uitdrukkelijke of stilzwijgende toestemming van de huurverkoper of in overeenstem-ming met de aard van de overeenkomst.
Dit vergoedingsrecht geldt niet voor zover de gebouwen kunnen worden afgebroken, meegenomen en elders worden opgebouwd, mits de huurkoper voldoende gelegenheid tot dit afbreken en meenemen wordt gegeven en dit zonder aanmerkelijk verlies kan geschieden.
2. De rechter is bevoegd, mede in aanmerking genomen de aard en oorzaak van de beëindiging en de verdere verhouding van partijen:
a. de huurkoper te verplichten tot het betalen van een vergoeding voor waardevermindering van het in huurkoop gegeven object een en ander in verhouding tot de waarde bij het aangaan van de overeenkomst;
b. de vergoeding voor gebouwen en de kosten als bedoeld in het vorige lid, te matigen of niet toe te kennen.

Artikel 20

Indien de huurkoper failliet gaat, is artikel 34a van het Faillissementsbesluit toepasselijk.

Artikel 21

Bij onteigening van onroerend goed, dat in huurkoop is verkocht komt het bedrag van de schadeloosstelling aan de huurverkoper toe het restant der nog te betalen huurkooptermijnen en aan de huurkoper de rest van de schadeloosstelling. Door onteigening eindigt de huurkoopovereenkomst.

Artikel 22

Behoudens het bepaalde in artikel 6 kan van deze wet niet bij overeenkomst worden afgeweken.

Artikel 23

De rechter kan boeten of andere contractuele gevolgen van wanprestatie of van andere vormen van niet-nakomen door een van de partijen, steeds wijzigen of opheffen, indien deze hem boven matig voorkomen.

Artikel 24

Deze wet is mede van toepassing op overeenkomsten van huurkoop van onroerend goed, welke vóór het inwerkingtreden van deze wet zijn gesloten, indien deze voldoen aan de voorwaarden genoemd in artikel 1 en tevens bij akte zijn aangegaan, of wel na de inwerkingtreding van deze wet alsnog bij akte dan wel overeenkomstig artikel 3 van deze wet zijn vastgelegd. Deze vastlegging kan door elk van de partijen worden gevorderd.

Artikel 25

Nadere voorschriften terzake de juiste naleving van deze wet worden bij of krachtens staatsbesluit geregeld.

Artikel 26

Deze wet die als de “Wet Huurkoop Onroerend Goed" kan worden aangehaald, treedt in werking met ingang van de dag volgende op die van haar afkondiging.